Rentmeesterdag Hof Espelo

Gemeente: 
Locatie: 
Hof Espelo
Wanneer: 
Om de 2 jaar op de zondag rond 17 september

Met de rentmeesterdag, die Hof Espelo eens in de twee jaar organiseert, komt u in aanraking met een oude traditie. Eeuwenlang was de 17de september de dag waarop horige boeren verplicht waren om voor de hofmeier of rentmeester te verschijnen. Vanuit Hof Espelo beheerde de rentmeester alle landgoederen van het bisdom Utrecht aan deze kant van de IJssel. De horige boeren moesten op de hofdag hun "tienden" afdragen (10% van de opbrengst van het land). Ook dienden zij op die dag hun rechten en plichten aan te horen, die werden voorgelezen door de rentmeester. Was een horige in gebreke gebleven, dan sprak de rentmeester op de hofdag recht. De geschiedenis van de hofdag wordt op Hof Espelo herbeleefd. Deels gebeurt dit in de vorm van theater, waarbij onder andere de rechtspraak door de rentmeester wordt nagespeeld. Verder zijn er demonstraties van Middeleeuwse gebruiken en spelen en is er een sfeermarkt. De kledij die de deelnemers en vrijwilligers tijden de hofdag dragen, verhoogt de sfeer.

Oude traditie herleeft
Beginnend in 2011 en daarna in 2013 blies men de hofdag op Hof Espelo nieuw leven in. Omdat dit bij het publiek een groot succes was, wordt de eerstvolgende rentmeesterdag in 2015 georganiseerd, op de zondag rond 17 september. Het is de ambitie van de vrijwilligers van Landschap Overijssel om van dit oude gebruik een nieuwe traditie te maken. De editie van 2013 had als thema de Middeleeuwen. Acteurs van het gezelschap De Kunstenmakers hadden zich in Middeleeuwse kleding gestoken en speelden taferelen na, zoals die zich ooit tijdens de hofdag moeten hebben voorgedaan. Ook werden er spelen met middeleeuwse attributen gehouden, zoals boogschieten en houtzagen. Voor het rentmeesterfeest van 2015 wordt opnieuw gekeken naar een thema met bijpassende activiteiten. Zo kunt u zelf de Middeleeuwen in Twente beleven.

Hof Espelo
Hof Espelo is een eeuwenoud landgoed tussen Hengelo en Enschede. Met bossen en beken, landerijen en boerderijen, een landhuis en een koetshuis kan op het landgoed heerlijk worden gewandeld. Het oude koetshuis is ingericht als bezoekerscentrum van Landschap Overijssel, dat sinds 1984 eigenaar is van Hof Espelo.
Hof Espelo wordt al in 1215 vermeld, als paus Innocentius III optekent dat dit landgoed aan de Pieterskerk in Utrecht toebehoort. Het in de Middeleeuwen machtige bisdom Utrecht had meerdere gebieden "over de IJssel" in bezit, waaronder Twente. Vanuit Hof Espelo beheerde de hofmeier alle landerijen van de Utrechtse kerk in zowel Twente als de graafschap Bentheim. De hofmeier gaf leiding aan alle onvrije boeren (de horigen) die op de hof werkten.

Horigheid
In 1809 werd de horigheid afgeschaft. Nederland viel in die periode onder de heerschappij van Napoleon. De feodale verhoudingen pasten niet bij de moderne idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap, die sinds de Franse Revolutie werden uitgedragen en ook in Nederland weerklank vonden. Tot de afschaffing in 1809 waren de rechten en plichten van horigen in Twente als volgt:
Horigen hadden het recht om op het land van de heer te wonen, dat land te bewerken en te leven van de opbrengst. Omdat de landheer verplicht was de horigen eeuwig op zijn land te laten wonen, waren zij van generatie op generatie verzekerd van levensonderhoud. De heer was in Twente ook verplicht om hout te leveren, als de boerderij van een horige gerepareerd moet worden. Deze bepaling vloeide voort uit het verbod om in het steeds kaler wordende Twentse landschap eiken en beuken te kappen.
Horigen waren op hun beurt verplicht om een deel van de opbrengst van het land in graan, vee of geld af te staan aan de landheer, en om hand- en spandiensten voor hem te verrichten. Concreet betekende dit dat horigen enkele dagen per jaar het privéland van de heer moesten bewerken en hier een lastdier (paard of os) voor moesten uitlenen. Verder mocht een horige zonder toestemming van de heer niet trouwen of scheiden. Anders zouden er mogelijk teveel monden gevoed moeten worden, of juist te weinig mensen op het landgoed aanwezig zijn, om dat te kunnen bewerken. Horigen mochten het land niet verlaten, tenzij de heer hun toestond om zich vrij te kopen. Als er weinig mensen waren, dan was de horige die zich wil vrijkopen verplicht om een plaatsvervanger te vinden. Kinderen vielen onder dezelfde regels als hun ouders. Overleed een horige, dan viel de nalatenschap voor de helft aan de heer toe, of zelfs in zijn geheel, als de horige geen wederhelft had.

Auteur: 
Siebe Rossel